INTERMEDIATE
ALGEMENE BESCHRIJVING
Jongeren die doorgroeien tot de fase 'Train to TRAIN', streven een competitieve carrière na. In deze periode staat de specialisatie in één discipline centraal, waarbij de nadruk ligt op het verfijnen van technische vaardigheden en het opbouwen van een solide fysieke basis.
Nieuwe technieken worden systematisch aangeleerd. Zowel technische als fysieke trainingsprogramma’s worden afgestemd op de individuele noden van de sporter. Zo krijgt elke atleet de kans om zich optimaal te ontwikkelen binnen zijn of haar discipline.
Regelmatige testmomenten maken het mogelijk om het technisch niveau te monitoren en de vooruitgang te meten. Competitie wordt wel opgenomen, maar blijft ondergeschikt aan het leerproces: training en het beheersen van de basis staan op de eerste plaats, competitie op de tweede.
Hoewel competitie niet het hoofddoel is, ervaren jongeren vaak toch prestatiedruk. Daardoor leren ze omgaan met winst en verlies, en met de stress die gepaard gaat met een wedstrijd.
LEEFTIJD & GROEIFASE
- 13-16 jaar ♂ | 11,5 -15 jaar ♀
- Pubertijd
FOCUSPUNTEN
- Discipline-specifieke gevorderde technieken aanleren en basistechnieken perfectioneren.
- Goede trainingsgewoontes aanleren met individuele technische en fysieke trainingsprogramma's.
- Window of opportunity om uithouding, snelheid en functionele kracht te trainen, met aandacht voor groeispurt en vroege of late maturiteit.
- Aandacht voor blessurepreventie (veel herhalingen, lage intensiteit, focus op uitvoering), afwisseling in activiteiten.
LEER- & ONTWIKKELINGSLIJNEN
- fysieke ontwikkeling
- mentale ontwikkeling
- technische ontwikkeling