FYSIEKE ONTWIKKELING
FUNDAMENTELE BEWEGINGSVAARDIGHEDEN | SPORTSPECIFIEKE VAARDIGHEDEN
Een van de belangrijkste periodes in de motorische ontwikkeling is tussen de leeftijd van 9 en 12 jaar. Dit wordt vaak aangeduid als de gevoelige periode voor motorisch leren, waarin hun hersenen bijzonder ontvankelijk zijn voor het aanleren van nieuwe bewegingen.
- de hersenen maken snel nieuwe verbindingen, vooral bij motorische prikkels
- kinderen automatiseren bewegingen sneller door herhaling en variatie
- ze zijn nieuwsgierig, willen uitproberen en durven fouten maken.
Deze fase is belangrijk voor de ontwikkeling van basistechnieken, omdat ze de fundamenten vormen waarop later complexere vaardigheden correct kunnen worden aangeleerd. Het is daarom belangrijk dat de basistechnieken van in het begin correct aangeleerd worden. In dit kader heeft de federatie onderstaande programma’s uitgewerkt:
- coördinatietraining op de trampoline (GF2S)
- functionele training specifiek voor waterskiërs en wakeboarders (GF2S)
Daarnaast moet er steeds aandacht besteed worden aan de principes van een goede opwarming, cooling-down en stretching, zodat blessurepreventie en herstel van meet af aan deel uitmaken van het leerproces.
Sport Vlaanderen, Gezond Sporten en de universiteit van Gent onderzochten de meest voorkomende blessures bij waterski en wakeboard en stelden een letselpreventie programma op. Meer info....
Om de motorische ontwikkeling breed te stimuleren, blijft het bovendien belangrijk om kinderen en jongeren te laten kennismaken met sporten met vergelijkbare bewegingspatronen. Bilaterale sporten zoals (rol)schaatsen, skiën, snowboarden, surfen, skateboarden en trampolinespringen versterken symmetrie, coördinatie en evenwicht, en dragen zo bij tot een veelzijdige en stevige motorische basis.
Veel afwisselende trainingsvormen ondersteunen deze principes van blessurepreventie en brede motorische ontwikkeling. Vb. kinderen op deze leeftijd zullen vaak kiezen om telkens opnieuw kickers te nemen, maar om overbelasting te vermijden aan de knieën, is het belangrijk om hier afwisseling in te bouwen met focus op andere tricks.
KRACHT
Voor de puberteit komt een toename in kracht vooral doordat het zenuwstelsel beter leert samenwerken met de spieren. Dus je spieren worden niet groter, maar werken efficiënter en beter samen.
Krachttraining in deze fase focust op de veelzijdige versterking van het houdings- en bewegingsapparaat, met nadruk op core-stability.
Functionele kracht wordt best geoefend via dynamische basisoefeningen met het eigen lichaamsgewicht of lichte materialen zoals elastische banden, flesjes water, ,...
- Krachtfocus
Versterken van houdings- en bewegingsapparaat - Trainingsvormen
- Dynamische en isometrische oefeningen
- Plyometrie met lage impact
- Core-stability opstarten / basistechnieken aanleren (squats, lunges, pompen, plank, … ) --> focus op correcte uitvoering
- Functionele krachttraining met lichaamsgewicht en lichte weerstand
UITHOUDING
Opbouwen van een algemene aerobe basis en verbeteren van spieruithouding via speelse, gevarieerde en functionele oefenvormen. De focus ligt op duurvermogen zonder overbelasting, met veel aandacht voor plezier, techniek en motorische variatie.
- Uithoudingsfocus
- Basisduurvermogen - Trainingsvormen
- Speelse duurvormen
SNELHEID
In deze ontwikkelingsfase ligt de focus op het systematisch verbeteren van reactiesnelheid, startsnelheid en maximale snelheid, met aandacht voor de biologische verschillen tussen jongens en meisjes.
Bij het begin van de adolescentie (9–13 jaar) ontstaat een gevoelige periode voor bewegingsfrequentie, die actief geprikkeld moet worden. Ook de maximale loopsnelheid vraagt vanaf deze leeftijd een gerichte en progressieve aanpak, met aandacht voor techniek, ritme en coördinatie.
LENIGHEID
Vanaf de leeftijd van 9 jaar ondergaat het lichaam verschillende veranderingen in de lichaamsbouw, waardoor de natuurlijke lenigheid afneemt als deze niet actief onderhouden wordt.
In deze ontwikkelingsfase is het daarom belangrijk om de nadruk te leggen op dynamische vormen van lenigheid. Hierbij verdient ook de lichaamsperceptie, motorische controle en correcte uitvoering van bewegingen extra aandacht. Tot slot is het essentieel om elke training af te sluiten met een cooling-down en een lichte stretch, zodat het lichaam op een veilige en verantwoorde manier kan herstellen.
COÖRDINATIE / EVENWICHT
Bij het begin van de adolescentie is het statische en dynamische lichaamsevenwicht op de grond vrij goed ontwikkeld. Geleidelijk aan kan het lichaamsevenwicht tijdens een zweeffase beter gecontroleerd worden.